Samenvatting

  • Naar verwachting wordt de pensioenregeling van uw werknemers de komende twee jaar nog niet aangepast door het Bpf als gevolg van het Pensioenakkoord van juni 2019, maar waarschijnlijk wel voor 2022.
  • Aan het Bpf wordt op dit moment een voor alle werknemers gelijke premie (als percentage van de pensioengrondslag of salaris) betaald en onafhankelijk van de leeftijd, de zogenoemde doorsneepremie. Onderliggend krijgen werknemers daarvoor een gelijke pensioenopbouw voor alle leeftijden. Omdat de pensioenopbouw voor jongeren goedkoper is dan voor ouderen, is de premie daardoor voor jongeren eigenlijk te hoog en voor ouderen te laag, oftewel de jongeren subsidiëren de ouderen. Dit wordt onrechtvaardig geacht en gaat dus ook veranderen.
  • Nog steeds moet voor alle werknemers een gelijke premie (als percentage van de pensioengrondslag) betaald worden, onafhankelijk van de leeftijd. Dat verandert dus niet. Wat wel verandert, is dat iedereen zijn eigen premie houdt en er geen subsidie meer optreedt van jong naar oud. Dit kan volgens een tweetal nieuwe vormen van pensioenregelingen, , namelijk een regeling met variabele pensioenopbouw of in de vorm van individuele spaarpotjes.
  • Omdat jongeren voor die premie meer pensioen krijgen en ouderen minder, worden huidige werknemers (vanaf ca. 35 jaar) hierdoor gedupeerd. Er zal daarbij een grote druk op compenserende maatregelen ontstaan. Door wie en hoe die precies gefinancierd zullen worden, is echter nog niet duidelijk. Bij een Bpf lijken de vrijvallende buffers (indien aanwezig natuurlijk) hierbij mogelijk nog een (grote?) rol te kunnen gaan spelen.
  • De nieuwe rekenvoorschriften (parameters) voor pensioenfondsen die (al) zullen gelden vanaf 1 januari 2020 voor wat betreft beleggingsrendementen en 1 januari 2021 voor wat betreft rekenrente. Hiermee moet gerekend worden voor de vaststelling van premies en waarde van de verplichtingen. Deze zullen leiden tot een verzwaring en dus tot hogere premies en verplichtingen van het Bpf (en dus tot een lagere dekkingsgraad en minder kans op indexatie en een grotere kans op kortingen).
  • Volgens de plannen voor een nieuw pensioenstelsel moeten de premies vanaf 2022 kostendekkend zijn. Vaak zijn deze premies dat nu niet omdat uitgegaan wordt van een verwacht rendement dat hoger ligt dan de rentevoet waarop de verplichtingen worden gewaardeerd. Of de premies zullen dan dus omhoog moeten om de pensioenopbouw niet te verlagen of er moet gekozen worden voor een lagere pensioenopbouw. Beide maatregelen hebben forse consequenties.

Moet nu gewacht worden voordat actie wordt ondernomen? Nee, in principe niet, je kunt rustig afwachten wat sociale partners gaan besluiten en welke aanpassingen het BPF dan gaat doorvoeren.

  • Maar er kan alvast wel uitgezocht worden of de premies aan het Bpf waarschijnlijk omhoog zullen gaan in de komende jaren. Dit kan als het Bpf weinig vrijvallende buffers heeft waaruit compensaties voor oudere werknemers betaald kunnen worden of waarmee premieverhogingen als gevolg van de nieuwe rekenvoorschriften opgevangen kunnen worden. Deze zullen dan gefinancierd moeten worden uit hogere premies. Dit gaat dan ten koste van jullie loonruimte.
  • Daarom denken wij dat het verstandig is om nu alvast inzichtelijk te maken wat de gevolgen voor loonkosten kunnen zijn, dus om goed voorbereid te zijn. En om dan alvast verkennende gesprekken te voeren met werknemersvertegenwoordiging en/of vakbonden. Want het gaat uiteindelijk om de vraag hoe de loonruimte besteed moet gaan worden. Gaat die (groten)deels op aan komende premieverhogingen voor pensioencompensaties of kan die besteed worden aan andere belangrijke werknemerszaken? Focus Orange kan helpen met deze inzichten te verwerven, om zo goed voorbereid te zijn op wat zeer waarschijnlijk komen gaat.
  • En ook bij aanvullende pensioenregelingen of indien in de tussentijd (aanvullende) pensioenregelingen binnen de onderneming gewijzigd moeten worden, of een nieuwe (aanvullende) pensioenregeling dient te worden geïntroduceerd, is het verstandig alvast rekening te houden met verwachte wijzigingen in het Nederlandse pensioenstelsel.

De afschaffing van de doorsneepremie en de invoering van een leeftijdsonafhankelijke premie is de belangrijkste wijziging als gevolg van het pensioenakkoord. Daarnaast is er nog een aantal andere wijzigingen die hierna ook besproken worden.

Inleiding

Het kabinet heeft op 5 juni 2019 samen met werkgevers- en werknemersorganisaties en de SER een principeakkoord gepresenteerd over vernieuwing van het pensioenstelsel. De verwachting is dat de nieuwe wetgeving vanaf 2022 van kracht wordt. De wetgeving omvat maatregelen die verschillend uitwerken per soort pensioenregeling en type pensioenuitvoerder. In dit document worden de verwachte gevolgen voor een pensioenregeling bij een bedrijfstakpensioenfonds beschreven.

AOW-leeftijd

De stijging van de AOW-leeftijd gaat minder snel. Hierdoor komt de AOW-leeftijd nu uit op 66 jaar en 4 maanden en pas in 2024 op 67 jaar. Voor ieder jaar dat we daarna gemiddeld ouder worden, stijgt de AOW-leeftijd met 8 maanden. Het is de vraag of als gevolg hiervan de pensioenleeftijd in pensioenregelingen (in 2018 wettelijk verhoogd naar 68 jaar) moet worden aangepast.

Zware beroepen

Er komt een vrijstelling van de fiscale boete op vroegpensioen tot een bruto jaarinkomen van circa € 19.000 voor medewerkers met zware beroepen. Dit moet ertoe leiden dat mensen met een laag inkomen en een zwaar beroep 3 jaar eerder met pensioen kunnen gaan. Deze maatregel heeft naar verwachting géén echt grote gevolgen voor de inhoud van de pensioenregeling van de werkgever. Afhankelijk van de (toegestane) vormgeving kan mogelijk nog wel aanvullend geregeld worden dat in die vroegpensioenperiode de opbouw van het normale pensioen geheel of gedeeltelijk voortgezet wordt.

Afschaffing doorsneepremiesystematiek

De huidige doorsneepremiesystematiek gaat dus veranderen. En ook de gelijke pensioenopbouw voor alle leeftijden (als percentage van de pensioengrondslag) zoals bij het Bpf. Hiervoor in de plaats komt één gelijk premiepercentage voor alle deelnemers, jong en oud. Hierbij kunnen in principe twee varianten van pensioenregelingen ingevoerd worden. In de ene variant is er bij een gelijke premie sprake van een met de leeftijd dalende pensioenopbouw. In de andere variant is er tot pensioendatum meer sprake van individuele pensioenpotjes waarin de premies gestort worden. Op pensioendatum wordt het spaarsaldo dan besteed voor de aankoop van pensioen. Voor en na pensioendatum worden bepaalde risico’s daarbij nog wel gedeeld.
Omdat jongeren een langere beleggingshorizon hebben, levert hun premie dus meer pensioen op dan voor een oudere. Over een totale loopbaan bezien, compenseren deze effecten elkaar. Maar voor de huidige groep oudere werknemers (vanaf ongeveer 35 jaar), die in het verleden pensioen opgebouwd hebben op grond van een voor iedereen gelijke pensioenopbouw (in percentage van de pensioengrondslag), ontstaat nu een (fors) tekort. Of, hoe en door wie dit tekort moet worden opgelost vormt nog een belangrijk openstaand vraagstuk. Bij een Bpf kunnen vrijvallende buffers (indien aanwezig natuurlijk) hierbij mogelijk nog een (grote?) rol gaan spelen.

Andere voorstellen

In het nieuwe pensioenstelsel wordt de mogelijkheid opgenomen om op de pensioendatum (maximaal) 10% van de waarde van het totale pensioenkapitaal ineens te laten uitkeren. Tevens wordt het nabestaandenpensioen gestandaardiseerd om financiële risico’s bij baanwisseling en echtscheiding tegen te gaan.

Nieuwe parameters pensioenfondsen

Door de Commissie Dijsselbloem zijn op 6 juni 2019 nieuwe rekenvoorschriften (parameters) voor pensioenfondsen voorgesteld. Deze zijn door de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid inmiddels omarmd. Zij zullen (al) gelden vanaf 1 januari 2020 voor wat betreft beleggingsrendementen en 1 januari 2021 voor wat betreft de rekenrente waarmee gerekend moet worden voor de vaststelling van premies en waarde van de verplichtingen. De nieuwe parameters leiden tot een verzwaring en dus tot hogere premies en verplichtingen (en laatste dus tot een lagere dekkingsgraad en minder kans op indexatie en een grotere kans op kortingen).

Premies moeten kostendekkend zijn

Premies die aan het Bpf worden betaald, moeten vanaf 2022 kostendekkend zijn volgens de plannen. Vaak zijn ze dat op dit moment niet want voor de vaststelling van de premies wordt meestal uitgegaan van een verwacht rendement dat hoger ligt dan de rentevoet waarop de verplichtingen moeten worden bepaald. Feitelijk zijn de premies dus daardoor te laag, want de jaarlijkse pensioenopbouw van werkenden wordt daarmee mede gefinancierd uit het vermogen van het Bpf, dus komt mede ten laste van slapers en pensioentrekkenden, die daardoor weer minder kans op indexatie hebben. Door de eis dat de premies vanaf 2022 kostendekkend moeten zijn, moeten of de premies dan dus omhoog om de jaarlijkse pensioenopbouw van werkenden niet te verlagen of er moet gekozen worden voor een lagere pensioenopbouw. Beide maatregelen hebben forse consequenties.

Wat betekent dit concreet?

Voor de werkgever geldt dat de pensioenregeling van het Bpf in de komende 2 jaar nog niet inhoudelijk aangepast hoeft te worden aan het nieuwe, nog verder in te vullen pensioenstelsel. Maar het is wel belangrijk je daarop alvast voor te bereiden. En zeker als nu al duidelijk is dat jullie bij een Bpf zitten met geen of weinig vrijvallende buffers die ingezet kunnen worden voor de financiering van pensioencompensatieregelingen. Want dat zal waarschijnlijk betekenen dat de pensioenpremie, die u betaalt aan het Bpf, zal gaan stijgen.

Maar ook de mogelijke premiestijgingen door de nieuwe parameters en de rekenrente per 1 januari 2020 en 2021 en de eis dat premies kostendekkend moeten zijn, kunnen een rol spelen en aanleiding te zijn om eens kritisch naar (de uitvoering van) jullie pensioenregeling(en) te kijken.

Houd dus in bij periodieke loonrondes alvast rekening met mogelijk hogere premies aan het Bpf als gevolg van pensioencompensaties voor oudere werknemers en/of door de nieuwe rekenregels. Wellicht kunnen jullie hierover alvast (voorlopige) afspraken maken met de Ondernemingsraad of betrokken vakorganisaties.

Om hierover gefundeerd met betrokkenen te kunnen praten, is dan natuurlijk wel alvast inzicht nodig in de mogelijke gevolgen van de verwachte wijzigingen op uw loonkosten.

En ook als jullie nog aanvullende pensioenregelingen hebben of in de tussentijd (aanvullende) pensioenregelingen binnen jullie onderneming moeten wijzigen, of een nieuwe pensioenregeling willen introduceren, is het verstandig alvast rekening te houden met verwachte wijzigingen in het Nederlandse pensioenstelsel.

Hoe kan Focus Orange ondernemingen hierin ondersteunen?

  • Wij zullen ondernemingen up-to-date houden over de laatste ontwikkelingen ten aanzien van de nieuwe pensioendeal en de gevolgen voor de pensioenregeling;
  • Wij beschikken over rekenmodellen waarmee de financiële impact van de afschaffing van de doorsneesystematiek op groeps- en individueel niveau inzichtelijk wordt gemaakt;
  • Wij kunnen helpen met het opstellen van een transitieplan, waar de berekeningen van het vorige punt deel van uitmaken en dat voldoet aan de wettelijke normen;
  • Wij kunnen helpen met een communicatieplan, dat voldoet aan de wettelijke normen;
  • Wij verhogen kennis van ondernemingen met presentaties en opleidingen op het gebied van pensioen maar ook breder op beloningsstructuur en arbeidsongeschiktheid;
  • Wij maken heldere en compacte rapportages specifiek gericht op de pensioensituatie en aanverwante arbeidsvoorwaarden;
  • Wij faciliteren tijdens overlegvergaderingen met werknemersvertegenwoordigingen.

Benieuwd naar wat wij voor u kunnen betekenen? Neem contact op met:

Ronald Doornbos

  • 06 50 89 18 44

Benieuwd naar wat wij voor u kunnen betekenen? Neem contact op met:

Ton Winkels

  • 06 82 27 60 82

Disclaimer

Dit document is opgesteld kort na de aankondiging en goedkeuring van het principeakkoord en gebaseerd op eerste kennis en inzichten. De inhoud wordt aan de hand van de nog noodzakelijke uitwerkingen op diverse onderdelen, nieuwe ontwikkelingen en inzichten regelmatig geactualiseerd. Neem bij specifieke vragen contact met Focus Orange op.